fytobell logo

Lente is in aantocht 

 

De onvriendelijke kant van de lente:
Overgevoeligheid
voor stoffen en stuifmeel


Het haalde grote koppen in de pers deze week: Eén op vier Belgen heeft last van allergie. Onderzoek wees uit dat dit over tien jaar nog zal oplopen tot één op drie, terwijl het twintig jaar geleden amper één op twintig was. Deze gegevens zijn afkomstig van de vzw Astma en Allergiekoepel. Hoe komt het toch dat zoveel mensen en ook veel kinderen last krijgen van overgevoeligheid en dat dit precies in de lente meer de kop opsteekt? Wie last heeft van overgevoeligheid heeft alvast één zaak gemeenschappelijk: de darmflora is niet in orde en laat stoffen door die door het lichaam als vijandig worden beschouwd. Wat doe je er aan?


We beginnen de lente te ruiken. Af en toe zijn er een paar mooie dagen, hoewel de winterse kou ons nog in de kleren zit. Toch dromen we er al van. Leve de lente, leve het mooie weer, leve de tochten naar de prachtige open natuur, de wandelingen in de velden, maar ach wat doe je met die eeuwige niesbuien, tranende ogen, hoestbuien en de verschrikkelijke jeuk? Een calvarie voor de overgevoelige patiënt. Gelukkig bestaan er verschillende preparaten, zelfs uitstekende natuurlijke producten om het lichaam te helpen in deze voor velen lastige tijd. Binnen blijven is voor hen meestal geen oplossing, want ontvluchten ze buiten de pollen en het stuifmeel, dan krijgen ze binnen vaak te maken met schimmels, huismijt en huisstof, soms tabaksrook en meestal is dat nog erger. Dus kan je beter de oorzaak aanpakken en op die manier de last vermijden. En die oorzaak: die moet je heel vaak zoeken in de immuniteit die gestoord wordt door ziek darmflora.


Als overgevoeligheid beperkt blijft tot een lopende neus, tranende ogen en een schorre keel is de lijdensweg niet te groot, maar bij sommige patiënten is de ellende zo erg dat er ademnood optreedt die zelfs gevaarlijk kan. Aan en op zee lopen ze weinig risico. Dat is trouwens ook de reden waarom men preventoria in de buurt van de zee heeft gebouwd.

De woning kan je ziek maken

Niet enkel de natuur in de lente kan reacties van overgevoeligheid uitlokken, ook het eigen huis kan je ziek maken. Uit een onderzoek aan de universiteit van Stuttgart is gebleken dat in een middelgrote woning waar in lente en zomer deuren en ramen hermetisch gesloten blijven, zich in één week tijd meer dan honderdtwintig liter water verzamelt. Dat komt overeen met de inhoud van een grote badkuip. Houdt men nu deuren en ramen gesloten, dan kan deze vochtigheid niet naar buiten ontsnappen. Het vocht stapelt zich in de woning op, kruipt in wanden en plafonds, in meubilair en tapijten, in bedlinnen en kleding, kortom overal waar vochtigheid zich kan in ophopen. Vanwege de hoge relatieve vochtigheid in een warme omgeving, kunnen gemakkelijk micro-organismen ontstaan: schimmels, die aanleiding kunnen geven tot reacties van overgevoeligheid. Maar ook andere factoren spelen een belangrijke rol: de toenemende vervuiling, zieke stadslucht en industrielucht, steeds meer vreemde stoffen op kantoren en in huis- en slaapkamers, gebruik van allerlei geurmaskers en parfums om slechte geuren te verdoezelen, additieven in voedsel, misbruik van medicijnen en onaangepaste voeding waardoor de darmen van streek raken. De grootste oorzaak blijft de huisstofmijt, volgens woordvoerster Christine Baelus van de Astma- en Allergiekoepel. Om problemen binnenshuis te voorkomen moet je geregeld het huis verluchten, anders kom je van de regen in de drop. Op die manier kan je de waterdamp die zich hoe in elke woning opbouwt, de vrije aftocht naar buiten geven, vooraleer je het doet neerslaan in muren en meubilair en nadien je eigen luchtwegen gaat benadelen.

Hoe ontstaat een reactie van overgevoeligheid?

Overgevoeligheid heeft te maken met immunologie. Het antigeen, de stof die de immuniteit veroorzaakt is in dit geval een allergeen. Het merkwaardige is dat de antistof die door het antigeen wordt opgewekt geen immuniteit of ongevoeligheid veroorzaakt, maar precies het omgekeerde, namelijk een overgevoeligheid. Het is weliswaar een antigeen-antilichaamsreactie, maar in de plaats van het lichaam te beschermen, treedt beschadiging op. Er kunnen talloze vormen van gevoeligheid bestaan. Als ze vrijwel onmiddellijk na het contact met het allergeen optreden kan men besluiten dat er antigene humorale stoffen in het lichaam aanwezig zijn. Men heeft het dan over vroege allergische reacties. Allergische reacties die later of vertraagd optreden, berusten op antistoffen die aan lichaamscellen zijn gebonden. Merkwaardig is dat een allergeen een vroege of late reactie kan veroorzaken, maar er zijn jammer genoeg ook allergenen die zowel vroeg als laat reageren. Er kunnen zelfs heel acute overgevoeligheidsverschijnselen optreden. Dat is enkel mogelijk als het organisme al eerder met het kwestieuze allergeen in contact is geweest. Binnen het kwartier na het binnendringen van het allergeen in het lichaam kan er al een reactie zijn. Er zijn twee mogelijke verschijnselen: ofwel komt er een anafylactische shock, ofwel komt er een atopische allergie. De anafylactische shock treedt vooral op als gevolg van het binnenbrengen van bloed of bloedbestanddelen in het lichaam. Er worden tegenwoordig wel kruisproeven gedaan op bloedgroepen, maar desondanks is bloed een gevaarlijke materie. Prof. Van Cauwenberge bevestigde ons destijds dat hij bang zou zijn bloed te moeten krijgen. Er bestaan tegenwoordig trouwens voldoende middelen en systemen om de meeste operaties ook bloedloos te laten verlopen zodat de patiënt geen beroep moet doen op donorbloed en dat is veel veiliger. Er zijn trouwens veel meer parameters die het bloed van iemand zeer individueel maken, dan de vergelijkingen van bloedgroepen waar nu grosso modo rekening mee wordt gehouden. Maar ook bij injecties voor vaccinatie met paardenserum zoals voor tetanus, inspuiten van jodiumhoudende contrastmiddelen in aders vooraleer röntgenfoto’s worden genomen, bepaalde medicijnen en talloze dierlijke vergiften van slangengif tot addergif en bijengif, kunnen een anafylactische shock veroorzaken. Ook de inspuiting van een concentraat van rode bloedcellen of andere bloedbestanddelen kan al voor problemen zorgen. Niet zelden ziet men dat de lever soms jaren na een transfusie het probleem niet de baas kon, waardoor zeer ernstige verwikkelingen ontstaan. Ook serums die courant gebruikt worden in oorlogsomstandigheden zoals bijvoorbeeld een behandeling met anti-tetanosserum, kan bij de tweede inspuiting een geweldige shock opleveren. In dit geval bevat het allergeen een vreemd eiwit dat zich in paardenserum bevindt.

Darmflora gezond maken

Tegenwoordig ziet men dat jonge kinderen al allergisch zijn. Dat geeft te denken over onze levenswijze, want overgevoeligheid bestaat nauwelijks in ontwikkelingslanden. Natuurlijk kunnen er fouten gemaakt worden door van de natuurlijke procedures af te wijken. Voldoende lang genoeg borstvoeding geven, is een veilige factor om zo min mogelijk kans te krijgen op allergie. Veel kinderen krijgen veel te vroeg voedsel opgelepeld dat nog niet voor hen geschikt is. Te vroeg zijn met het geven van eitjes aan baby’s is een uitlokkende factor bijvoorbeeld. Maar ook koemelk blijkt voor vele kindjes een probleem te zijn. Volwassenen zijn er evenmin immuun voor om op latere leeftijd nog altijd allergisch te reageren op een of andere stof of zelfs voedsel. Iemand die zijn leven lang aardbeien heeft gegeten zonder problemen, kan vijftig worden en plots een overgevoelige reflex ontwikkelen tegenover aardbeien. Als voedsel de darmwand passeert, zou dit niet meer als antigene stof mogen beschouwd worden, maar de overgevoeligheid zorgt er voor dat dit precies wel het geval is en gaat antistoffen vormen. Hetzelfde met de slijmvliezen van de luchtwegen. De mestcellen gaan histamine vrijmaken en het niezen, snotteren, hoesten, kuchen, tranen en zelfs braken en piepend ademen, kan beginnen. Nog lang niet zijn alle fenomenen bekend die zo’n aanval kunnen uitlokken. Ongetwijfeld kunnen emotionele en psychische factoren meespelen. Maar in elk geval is men er zeker van dat een goede oorzakelijke behandeling moet starten met het gezond maken van de darmflora.

Fytobell helpt 

Fytobell helpt op een natuurlijke wijze

Om overgevoeligheid in toom te houden heeft Fytobell twee prachtige natuurlijke middelen ontwikkeld: Smilabell en Allobiose. Allobiose werkt op belangrijke punten waar de immuniteit gestoord is, namelijk in de darmen en de slijmvliezen. Zoals gezegd werkt een slecht functionerende darmflora overgevoeligheid in de hand. Maar ook andere systemen in het lichaam die gestoord geraakt zijn en daardoor die overgevoeligheidreacties veroorzaken, worden aangepakt. Fenegriek, Smilax (sarsaparilla) en Ribes nigrum (zwarte aalbes) zijn planten die elk op hun eigen unieke manier invloed op deze overgevoeligheidsreacties uitoefenen. Zo wordt niet alleen de histamineproductie verminderd. Al deze ingrediënten werken samen en hebben een onderling versterkend effect, hetgeen Allobiose zo bijzonder maakt. Best kan men driemaal daags 1 à 2 capsules een kwartier vóór de maaltijden met ruim (bron)water innemen. Ook kinderen kunnen er in een aangepaste dosis zonder problemen gebruik van maken. Tussen 6 en 12 jaar driemaal daags 1 capsule. Onder de 6 jaar driemaal daags ½ capsule in wat water of melk.


Smilabell is ideaal als je last hebt van stuifmeel. Want terwijl de flora weer gezond wordt gemaakt met Allobiose kun je ook de overgevoeligheid voor stuifmeel een halt toeroepen met Smilabell van Fytobell. Hetzij door driemaal per dag 25 druppels in te nemen. Of door regelmatig de Smilabell mondspray ter hand te nemen en een of meer keer in je mond te sprayen. Smilabell bevat net als Allobiose een aantal componenten die het overgevoeligheidsprobleem van diverse kanten aanpakken en je weerstand op dat vlak te verbeteren. Onder andere Smilax (sarsaparilla), Ribes nigrum (zwarte aalbes) en Allium cepa (ui) werken samen om de zwelling van de slijmvliezen van de bovenste luchtwegen tegen te gaan, je meer lucht te geven en de jeuk te doen verdwijnen. Het middel kan maandenlang gebruikt worden. Verminder de dosis na enige tijd tot tweemaal per dag 20 druppels en kijk of je daaraan voldoende hebt. Ook voor kinderen is het een veilig middel, maar pas de dosis dan aan. Onder de 6 jaar driemaal per dag 5 druppels met wat water. Tussen 6 en 12 jaar driemaal per dag 10-20 druppels, na 2 weken tweemaal per dag 10-15 druppels.


Tip: Om het probleem meer bij de wortel aan te pakken is het aangeraden om Allobiose te gebruiken. Je pakt dan ook de darmflora intensief aan. Op momenten dat stuifmeelpollen of andere stoffen je die snotterende neus en kriebels in mond en neus bezorgen, kun je Smilabell als extra ondersteuning gebruiken.

Maak gebruik van de bestelcodes bij de apotheek:
Allobiose vraag je aan de apotheker met de bestelcode: 2121-226 voor de verpakking van 100 capsules.
Smilabell 100 ml : 1744-390
Smilabell mondspray 20 ml : 2128-049


Wil je meer informatie?
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. 

Registreer je voor de nieuwsbrief

FacebookSmall283WithInvisibleBorders